VIOLA DA GAMBA (vanaf groep 4)
Een ‘beenviool’
Viola da gamba is Italiaans voor 'beenviool'. Het instrument stamt uit de l6e eeuw. Het werd voornamelijk tijdens de Barok, 1600-1750, gebruikt als solo-instrument, in kamermuziekensembles en soms in orkesten zoals in de Matthäus-Passion van Bach.
De viola da gamba heeft 6 of 7 snaren die zijn gestemd in kwarten en in een terts. De gamba heeft bundes. Dat zijn frets, gemaakt van darmsnaren die om de hals van het instrument zijn geknoopt.
Deze frets geven aan, net als bij de gitaar, waar de snaar aangedrukt moet worden bij een bepaalde tonen.
De gamba is het basinstrument van de Gambafamilie. De andere leden zijn de sopraan- (of diskant-), de alt- , de tenor- en de contrabasgamba, die ook wel violone genoemd wordt. Alle gamba’s worden op of tussen de knieën bespeeld. Een ‘beenviool’ dus.
Niet alleen maar barok
Met de viola da gamba kun je verschillende muziekstijlen spelen. Van klassieke muziek, meest barok, tot pop en jazz.
Jong beginnen?
Vanaf 8 jaar kun je gambales krijgen. Op die leeftijd begin je op de altgamba. Informeer hierover bij de docent!