DWARSFLUIT (vanaf groep 5)
De dwarsfluit is één van de oudste instrumenten. Al in de oertijd blies men op botjes met gaatjes. Later ontdekte men het maken van fluiten van bamboe.
Rond 1700 ontstond de eerste dwarsfluit die lijkt op het huidige instrument. Deze was van hout, eerst zonder en later met kleppen. Rond 1830 maakte de Duitser Theobald Boehm de moderne dwarsfluit. Hij ontwierp een fluit met een speciaal kleppensysteem dat de bespeler nog meer mogelijkheden gaf om virtuoos te kunnen spelen.
De moderne dwarsfluit is meestal van metaal gemaakt. Bij dit instrument moet je over het mondstuk heen blazen om een toon te vormen. Een dwarsfluit wordt dwars aan de lippen gezet en wordt bij het spelen naar rechts gehouden.
Een houten blaasinstrument van metaal
Omdat vroeger de dwarsfluit van hout was gemaakt, hoorde hij in het orkest bij de houten blaasinstrumenten. Dat is altijd zo gebleven, ook toen de dwarsfluit later van metaal werd gemaakt. Andere houten blaasinstrumenten zijn bijvoorbeeld de klarinet en de fagot.
In vrijwel alle muziekstijlen kun je de dwarsfluit gebruiken. Van klassieke muziek tot jazz en van pop- tot wereldmuziek.
Jong beginnen? Afspraak maken!
Op de Muziekschool kun je vanaf zes jaar dwarsfluitles krijgen. Het is mogelijk om een aangepast instrument te huren dat geschikt is voor kleinere kinderen. Als je zin hebt om met dwarsfluitles te beginnen, is het verstandig om een afspraak te maken met de docent om te zien of je geschikt bent voor het instrument en of je misschien een aangepast instrument nodig hebt.